top of page

Opinie: Naar een Europese nucleaire paraplu

  • 11 minuten geleden
  • 3 minuten om te lezen

Jasper Pillen en Kjell Vander Elst (Anders.): 'Afschrikking dient niet om een oorlog aan te wakkeren maar om hem te voorkomen.'


Europa bevindt zich op een geopolitiek kantelpunt. De oorlog in Oekraïne woedt voort op ons continent. Rusland investeert massaal in zijn militaire capaciteit en schuwt de nucleaire dreigementen niet. Tegelijk groeit de onzekerheid over de Amerikaanse veiligheidsgaranties binnen de NAVO. In die context kan Europa zich geen strategische naïviteit meer permitteren.


De aankondigingen van president Emmanuel Macron van afgelopen maandag markeren daarom een historische stap. De president zegt dat Frankrijk zijn nucleaire capaciteit zal versterken en bereid is om zijn nucleaire afschrikkingsstrategie te verankeren in een Europese context. Voor het eerst wordt expliciet gesproken over nauwere nucleaire samenwerking met Europese partners en zelfs over de mogelijkheid om nucleaire middelen op het grondgebied van partnerlanden te stationeren. Dit was voorheen uitgesloten. Dat is een toe te juichen paradigmashift.


Europese afschrikking


Frankrijk is vandaag de enige EU-lidstaat met een kernwapenarsenaal. Tot voor kort bleef de Franse nucleaire doctrine strikt nationaal. De beslissing om die afschrikking expliciet open te stellen voor Europese coördinatie toont dat Parijs de tijdsgeest goed aanvoelt. Strategische autonomie is geen nationaal project meer, maar een Europees project.


We mogen niet vervallen in eenzijdige afhankelijkheid van één lidstaat.

Er zijn ook kanttekeningen te maken. We mogen niet vervallen in een eenzijdige afhankelijkheid van één lidstaat. Dat toont de onzekerheid over de Amerikaanse houding net aan. Afhankelijkheid van één belangrijke bondgenoot – wat de VS uiteraard nog altijd is – inwisselen voor afhankelijkheid van een andere bondgenoot, zou niet wijs zijn. Een gestructureerde Europese nucleaire paraplu is nodig: een politiek en juridisch kader waarin Europese landen gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor afschrikking, planning, financiering en doctrine. De Franse capaciteit kan de kern vormen, maar wel ingebed in een breder Europees governance-model.


Een geloofwaardige afschrikking vereist immers meer dan kernkoppen alleen. Ze vereist inter-operabele luchtmachten, gezamenlijke oefeningen, gedeelde commandostructuren en duidelijke politieke besluitvorming.


Juridisch mogelijk, politiek noodzakelijk


Critici verwijzen terecht naar het Non-proliferatieverdrag. Dat verdrag, in de jaren 60 onderhandeld, beperkt het bezit van kernwapens. Maar ook binnen het huidige NAVO-kader bestaan al vormen van nuclear sharing waarbij Amerikaanse wapens in Europa gestationeerd zijn en Europese landen operationeel betrokken zijn. Een Europese variant, met respect voor internationale afspraken, is dus juridisch niet ondenkbaar.


Belangrijker nog: die Europese variant is noodzakelijk. Afschrikking dient niet om een oorlog aan te wakkeren maar om hem te voorkomen. Wie de realiteit onder ogen ziet, weet dat vrede in Europa niet langer vanzelfsprekend is. Wie onze vrijheid wil beschermen, moet dus bereid zijn ook de zwaarste verantwoordelijkheid te dragen.


België moet positie kiezen


België kan en mag zich in dit debat niet afzijdig houden. Ons land heeft een sterke diplomatieke traditie en een centrale positie binnen de NAVO. Ons land vormt ook in de feiten, door de aanwezigheid van Amerikaanse kernbommen en de beschikbaarheid van gevechtsvliegtuigen die deze kunnen dragen op het vliegveld Kleine-Brogel, al een onderdeel van de nucleaire afschrikking van ons continent. Sterker nog: dat aanvaard werd dat België decennialang zijn financiële verplichtingen binnen de NAVO niet nakwam heeft deels te maken met het feit dat België op het vlak van de nucleaire afschrikking wel zijn deel deed.


België kan en mag zich in dit debat niet afzijdig houden.

We zijn ervan overtuigd dat België de Franse stappen moet steunen en actief moet pleiten voor een Europese nucleaire paraplu. Dat betekent niet dat we lichtzinnig omspringen met kernwapens. Integendeel. Het betekent dat we verantwoordelijkheid nemen in een wereld die gevaarlijker is geworden. En dat betekent ook niet dat we ons moeten onttrekken aan de NAVO-paraplu die gebaseerd is op de Amerikaanse capaciteiten. Daar blijven we aan meewerken, onder andere dankzij de F-35.


Europa moet eindelijk volwassen worden op veiligheidsvlak. De tijd van strategische afhankelijkheid loopt ten einde. Als wij onze veiligheid niet zelf organiseren, zullen anderen haar voor ons bepalen.


Jasper Pillen en Kjell Vander Elst

bottom of page